Wat doen de nieren in ons lichaam?

Werking van de nieren

Nieren zijn het belangrijkste filter in ons lichaam. Ze filteren het bloed, waardoor afvalstoffen en vocht het lichaam verlaten. De meeste mensen hebben twee boonvormige nieren, ongeveer zo groot als een citroen. Ze zitten aan de achterkant van het lichaam, ter hoogte van de onderste ribben aan beide zijden van ruggengraat.

De nieren zijn via de urineleider verbonden met de blaas. Hier wordt de urine verzameld. Als de blaas vol is, krijgen we aandrang om te plassen.

Functies van de nieren

De nieren hebben veel belangrijke functies die het lichaam in conditie en balans houden:

  • Ze reinigen het bloed door er afvalstoffen, zout, fosfaat, kalium, vocht, waterstof, ammonium en eventuele medicijnresten uit te filteren.
  • Nieren zijn verantwoordelijk voor de zuurgraad in het bloed, wat belangrijk is voor het functioneren van lichaamscellen.
  • Ze helpen de botopbouw en houden de balans tussen calcium(kalk) en fosfaat in stand door het activeren van Vitamine D.
  • Nieren produceren een aantal hormonen, waaronder EPO (Erytropoietine). EPO houdt het aantal rode bloedlichaampjes op peil, waardoor voldoende zuurstof naar de lichaamscellen getransporteerd kan worden. Bij onvoldoende EPO zijn er minder rode bloedlichaampjes, wat zich uit in een lagere Hb- waarde (Hemoglobinewaarde).
  • Samen met het zenuwstelsel, de bijnieren, het hart en de bloedvaten, regelen de nieren de bloeddruk. Ze bewaken de balans tussen zout(Kalium) en water. Veel zout trekt veel vocht aan wat leidt tot een hoge bloeddruk, weinig zout en vocht tot een lage bloeddruk. Bij hoge bloeddruk krijgen de nieren minder bloed. De bloedvaatjes vernauwen en beschadigen, waardoor ze geleidelijk – maar blijvend – stoppen met zuiveren.

Het bloed komt de nier binnen via de nierslagader, waarna het via het niermerg terecht komt in de nierschors met nefronen. Hier vindt het zuiveringsproces plaats.  Het gefilterde bloed stroomt via de nierader naar het hart. De urine gaat via de nierkelkjes en het nierbekken via de urineleider naar de blaas.

Nieraandoeningen

Onder het begrip nierziekten valt een keur van aandoeningen en ziektebeelden die de nieren aantasten. Een mens heeft twee nieren. Eén nier is voldoende om een mens in leven te houden. Deze organen verwijderen afvalstoffen uit het bloed, ze produceren bepaalde hormonen en ze regelen de vocht- en zoutbalans in het lichaam. Door de bloedstroom te filteren, reinigen ze deze van afbraakproducten. Hierbij wordt de urine gevormd.

Bij nierziekten kan mogelijke sprake zijn van nierinsufficiëntie, hetgeen betekent dat de nieren in hun functie gestoord zijn. Nieren die geheel niet werken leiden tot de dood door uremie, oftewel bloedvergiftiging door onvoldoende werking van de nieren. Bij nieren die (gedeeltelijk) niet werken treedt een groot aantal klachten en symptomen op.

Soorten nieraandoeningen 

Er zijn veel verschillende soorten en oorzaken van nierstoornissen. Vaak maakt het volgende onderscheid:

  • erfelijke nieraandoeningen
  • aangeboren nierafwijkingen
  • verworven nieraandoeningen
Enkele oorzaken van nierfalen zijn onder meer:
  • Sepsis of bloedvergiftiging. Dit ontstaat wanneer een infectie zich verspreidt door het gehele lichaam.Veelal ligt er een ernstige infectie, zoals buikvliesontsteking of longontsteking aan ten grondslag, maar soms kan een ontstoken kies of een blaasontsteking kan ook de oorzaak zijn van een sepsis.
  • Medicijnen. Sommige medicijnen kunnen schade aan de nieren veroorzaken, zoals de zogenoemde NSAID’s (diclofenac, ibuprofen en naproxen). Andere potentieel toxische medicijnen zijn bijvoorbeeld sommige antibiotica.
  • Rhabdomyolyse. Een zeldzame aandoening die zowel bij kinderen als bij volwassenen kan optreden en welke gekenmerkt wordt door afbraak van het dwarsgestreepte spierweefsel. Het spiereiwit myoglobine komt in het bloed terecht wanneer de spiercelwanden kapot gaan komt. De nieren zullen het bloed hiervan proberen te zuiveren, maar zij zijn echter niet in staat te grote hoeveelheden myoglobine te verwerken. Hierdoor kunnen de nieren beschadigd raken.
  • Multipel myeloom of ziekte van Kahler. Dit betreft een kwaadaardige aandoening van plasmacellen, die zich meestal in het beenmerg bevinden. Als gevolg van de aandoeningen kunnen de nieren of het hart beschadigd raken.
  • Acute glomerulonefritis, acute nefritisch syndroom of nierfilterontsteking. Dit betreft een nieraandoening waarbij de glomeruli (kluwentjes haarvaten in de nier die het bloed filtreren) van de nieren ontstoken zijn.
Voeding

Een nierziekte gaat vaak gepaard met een dieet. Er zijn nierpatiënten die erin slagen om de start van de dialyse uit te stellen door meteen met een streng dieet te beginnen.

Natrium, eiwit, kalium en fosfaat zijn voedingsstoffen die nierpatiënten vaak moeten vermijden of verminderen. Het is echter per persoon verschillend welke van deze voedingsstoffen in de ban moeten.

Voedingsadvies voor mensen die nierproblemen hebben

Gezonde voeding bevat verschillende bouwstoffen. Indien u een nierziekte heeft, hebt u waarschijnlijk een individueel voedingsadvies gekregen van uw diëtist. Hierin staat hoeveel eiwit, natrium en kalium uw voeding mag bevatten.

Eiwit

Eiwit is een van de belangrijke bouwstoffen voor het lichaam. U hebt het iedere dag nodig, want het lichaam is niet in staat om een reservevoorraad aan te leggen.

Uit het eiwit komen ook afvalstoffen. Omdat uw nieren niet goed werken, kunt u deze niet goed kwijtraken en hopen deze zich op in het bloed. Dat kan klachten geven als jeuk, moeheid en misselijkheid. Het is dus belangrijk om niet te veel, maar ook niet te eiwit te gebruiken. Uw diëtist bespreekt met u de voor u juiste hoeveelheid.

Voedingsmiddelen met meer en minder eiwit

  • Voorbeelden van eiwitrijke voedingsmiddelen zijn: vlees, vis, kip en gevogelte, noten, peulvruchten, eieren, kaas, melk en melkprodukten.
  • Brood, aardappelen en groente bevatten minder eiwit.
  • En voorbeelden van voedingsmiddelen zonder eiwit zijn: boter, olie, jam, honing, thee, koffie en frisdrank.

Natrium

Natrium is een belangrijk deel van zout. Zout bestaat uit natrium en chloride. Samen bepalen ze het gewicht van zout. Zout is 2,5 keer zo zwaar als natrium.
Handig om te weten is dat 1 gram natrium hetzelfde is als 2,5 gram keukenzout.

Op de meeste etiketten ziet u een hoeveelheid natrium staan. Dat is dus niet hetzelfde als zout!

Als u op een etiket een natriumgehalte tegenkomt, moet u dit vermenigvuldigen met 2,5 om de hoeveelheid zout te krijgen. De meeste Nederlanders eten per dag zo’n 9 à 10 gram zout. Dat is veel te veel. Het advies is om per dag niet meer dan 6 gram zout te eten en dat is vergelijkbaar met 2,4 gram natrium.

Ook al voegt u geen zout toe bij het koken, u krijgt ongemerkt krijgt u toch veel zout binnen. Driekwart van het zout dat u per dag binnenkrijgt komt namelijk uit kant-en-klare producten als brood, vleeswaren, kaas, soepen en snacks. Ruim een kwart van het zout dat we dagelijks binnenkrijgen komt uit brood. Maar brood is ook gezond en zit vol vezels, vitamines en mineralen. Bakkers gebruiken wel steeds minder zout in hun brood.

Risico’s van te hoog zoutgebruik
Door zout te eten, houdt het lichaam vocht vast. Te veel zout kan uw bloeddruk verhogen. Een hoge bloeddruk is slecht voor uw nieren en verhoogt de kans op het krij gen van een hartinfarct of beroerte.

Voedingsmiddelen met meer en minder natrium

  • Voedingsmiddelen die veel natrium bevatten zijn bijvoorbeeld smaakmakers als Maggi, Aromat, bouillonblokjes, ketjap, kip-en vleeskruidenmixen, kant-en-klare soepen, maaltijden en snacks.
  • Om uw maaltijd op smaak te brengen kunt u wel gebruikmaken van smaakmakers als verse of gedroogde tuinkruiden, paprikapoeder, kerrie, knoflook, peper, nootmuskaat, azijn, citroen, laurier of kruidnagel. Deze bevatten geen natrium.

Kalium

Kalium is een mineraal dat zorgt voor het samentrekken van de spieren en de prikkeloverdracht in de zenuwen. De nieren houden het kaliumniveau normaal constant, maar als de nieren niet meer goed functioneren kan een te hoog niveau in het bloed ontstaan. Dit kan hartklachten geven en bij een veel te hoog gehalte zelfs een hartstilstand veroorzaken.

Voedingsmiddelen met meer en minder kalium

  • Voorbeelden van kaliumrijke voedingsmiddelen zijn aardappelen, brood, melk en melkproducten, vlees, fruit, groenten en koffie.
  • Weinig kalium zit in thee, rijst, pasta, jam en frisdrank.

Fosfaat

Fosfaat is een stof die samen met calcium stevigheid geeft aan de botten en tanden. Fosfaat is ook van invloed op de energiestofwisseling en op allerlei enzymprocessen in het lichaam. Als uw nieren niet goed werken, wordt er te weinig fosfaat uitgeplast. Dat kan jeuk en botproblemen geven en  het is een risico voor hart- en vaatziekten.

Fosfaat is gebonden aan eiwit. Door minder eiwit te eten, krijgt u dus al minder fosfaat binnen. Maar omdat u toch voldoende eiwit moet eten, schrijft de arts vaak fosfaatbinders voor. Deze medicijnen zorgen ervoor dat het fosfaat niet in het lichaam wordt opgenomen.

Voedingsmiddelen met meer en minder fosfaat

  • Voedingsmiddelen met veel fosfaat zijn melk en melkproducten, kaas, vis, vlees, peulvruchten en volkoren producten.
  • Minder fosfaat zit in groente, fruit, boter, olie en koek.

Vocht

Als uw nieren bijna of niet meer werken, plast u weinig of zelfs helemaal niet meer. Het vocht blijft dan in het lichaam achter en zorgt voor vochtophopingen bij enkels, handen, hart of longen. Ook stijgt de bloeddruk en kunt u benauwd worden. Om dit te voorkomen kunt u een vochtbeperking krijgen. Dat betekent dat u minder mag drinken. Ook soep, vla en fruit tellen mee voor de totale hoeveelheid vocht. Hoeveel u nog mag drinken, hangt af van de hoeveelheid urine die u nog uitplast.

De behandeling van nierziekten

Nierziekten kunnen operatief of conservatief behandeld worden. De in te zetten behandeling is afhankelijk van de diagnose en de toestand en gezondheid van de patiënt. In eerste instantie zal men trachten de oorzaken of beschadigingen, die ten grondslag liggen aan de ziekte, weg te nemen of te remmen. Tegelijkertijd zal het zieke orgaan zo veel mogelijk ontzien worden door algemene maatregelen zoals dieet, bedrust, enzovoort. In tweede instantie zal men trachten het herstel van de beschadiging of het functieverlies te bevorderen. In ieder geval zal de behandeling erop gericht zijn om ten minste het achtergebleven gezonde weefsel te behouden, teneinde uremie (bloedvergiftiging door onvoldoende werking van de nieren) te voorkomen. Als ondanks alle interventies de nieren niet meer in staat zijn hun normale functie te vervullen, dan kan een niertransplantatie overwogen worden. In de tussentijd kan de nierfunctie kunstmatig overgenomen worden door nierdialyse.

Door: Guido Sparreboom
Beeld: Groen Nieuws

Tip de redactie

Wij zijn altijd op zoek naar het laatste nieuws.

Meer over

Net binnen

Gerelateerde artikelen