De perenoogst in Nederland ziet er dit jaar veelbelovend uit. Aan de bomen hangen miljoenen Hollandse peren. Fruittelers verwachten dat de oogst volgende maand op gang komt en spreken van een goed seizoen. Gunstig weer in het voorjaar en voldoende regen hebben gezorgd voor sterke groei van het fruit.
Meer peren aan de bomen
Voor boeren is dat goed nieuws. Een grotere oogst betekent meer opbrengst en kansen op een betere prijs. Toch is er ook een keerzijde, want de vraag naar peren in Nederland blijft achter.
Nederlandse fruitschaal
Hoewel de peren volop groeien, eten Nederlanders ze minder vaak. Vooral jongeren kiezen vaker voor ander fruit of snelle snacks. Dat merken boeren direct in de verkoop. De peer verliest terrein op de fruitschaal, terwijl het aanbod juist toeneemt.
Volgens telers is dat zonde, omdat peren rijk zijn aan vezels en vitamines. Ze passen goed in een gezond eetpatroon en zijn makkelijk mee te nemen als tussendoortje. Toch lukt het nog niet om die boodschap breed over te brengen.
Boeren zoeken nieuwe afzet
Een groot deel van de Nederlandse peren gaat naar het buitenland. Landen als Duitsland en Italië zijn belangrijke afnemers. Daar blijft de vraag stabiel, waardoor boeren hun oogst grotendeels kwijt kunnen.
Toch zien veel boeren liever dat meer peren in eigen land worden gegeten. Dat zorgt voor een stabielere markt en minder afhankelijkheid van export. Daarom denken telers na over manieren om de populariteit van peren te vergroten.
Miljoenen Hollandse peren
Om de verkoop te stimuleren, willen boeren en sectororganisaties meer aandacht vragen voor peren. Denk aan campagnes, proeverijen en samenwerkingen met supermarkten. Het doel is om consumenten opnieuw kennis te laten maken met de smaak en voordelen van het fruit.
Een teler uit de Betuwe zegt dat het tijd is om de peer weer op de kaart te zetten. Volgens hem kan dat met simpele stappen, zoals recepten delen en jongeren aanspreken via sociale media.
Met een sterke oogst in het vooruitzicht ligt er een duidelijke uitdaging. De peren hangen volop aan de bomen, nu de vraag nog laten meegroeien.

