Het Nibud ziet dat steeds meer huishoudens moeite hebben om rond te komen. Volgens het rapport Geldzaken in de praktijk 2026 zegt 38 procent van de Nederlanders financieel in de knel te zitten. Dat is een duidelijke stijging ten opzichte van twee jaar geleden, toen dit nog 32 procent was.
Vooral jongvolwassenen worden hard geraakt. In de groep van 18 tot en met 30 jaar geeft inmiddels 54 procent aan moeite te hebben met rondkomen. Twee jaar geleden lag dat nog op 40 procent. Volgens Nibud directeur Mattias Gijsbertsen is deze groep al langer kwetsbaar en nemen de problemen verder toe.
Jongeren zwaar geraakt
De verschillen tussen huishoudens zijn groot. Huurders hebben vaker moeite dan huiseigenaren. Ook mensen met een wisselend inkomen lopen meer risico dan mensen met een vast salaris. Die ongelijkheid wordt ook bevestigd in onderzoek van Deloitte.
Jongvolwassenen hebben vaak te maken met hoge woonlasten en onzeker werk. Tegelijk stijgen dagelijkse kosten snel. Daardoor komen zij sneller in de knel dan andere groepen.
Boodschappen drukken budget
Veel huishoudens lopen vooral vast op variabele uitgaven. Denk aan kosten voor kinderen, vervoer en vooral boodschappen. Deze uitgaven schommelen en zijn minder voorspelbaar dan huur of hypotheek.
Volgens Gijsbertsen proberen mensen eerst hun vaste lasten te betalen. Daarna blijft er minder over voor andere kosten. Juist daar stijgen de prijzen het hardst, mede door internationale spanningen en hogere energieprijzen.
Van de huishoudens die moeite hebben, zegt 81 procent dat boodschappen lastig te betalen zijn. Ook vervoerskosten en zorgkosten vormen een probleem voor een grote groep.
Meer betalingsproblemen
Naast stijgende kosten nemen ook betalingsproblemen toe. Ongeveer 25 procent van de huishoudens geeft aan rekeningen niet op tijd te kunnen betalen. Twee jaar geleden was dat nog 17 procent.
Ook rood staan en betalingsregelingen komen vaker voor. Hoewel de koopkracht vorig jaar licht steeg, merken veel huishoudens daar weinig van in hun portemonnee. Persoonlijke situaties en prijsstijgingen spelen daarbij een grote rol.
Weinig spaargeld als buffer
Spaargeld biedt niet altijd voldoende zekerheid. Bijna een derde van de huishoudens heeft 2500 euro of minder op de spaarrekening. Een kwart heeft zelfs minder dan 1000 euro. Daarmee is het lastig om onverwachte kosten op te vangen.
Volgens het Nibud zijn structurele oplossingen nodig. Het gaat niet alleen om inkomen, maar ook om hoge vaste lasten en het gebrek aan betaalbare woningen. Vooral voor jongere huishoudens blijft de financiële druk groot.
