De gemeente Utrecht overweegt misstanden op de woningmarkt harder aan te pakken. Achterstallig onderhoud, intimidatie en te hoge servicekosten blijven een groot probleem. Utrecht kijkt nu nadrukkelijk naar Rotterdam, waar een strengere handhaving al vruchten afwerpt.
Succesvolle aanpak in Rotterdam
In Rotterdam treden handhavers daadkrachtig op met de Wet goed verhuurderschap in de hand. De havenstad deelde al tientallen boetes en dwangsommen uit aan malafide pandjesbazen. Alleen al de dreiging van zo’n sanctie dwingt verhuurders vaak tot aanpassingen. Na Rotterdamse interventies daalde de huurprijs bij misstanden met gemiddeld 350 euro per maand.
Utrecht deelt nog nauwelijks boetes uit
Utrecht hanteert tot nu toe een mildere koers en kiest eerst voor een waarschuwing. Daardoor bleef de teller de afgelopen periode op slechts één officiële boete steken. Veel Utrechtse huurders durven misstanden bovendien niet te melden. Door de enorme krapte op de woningmarkt zijn ze bang om hun woning kwijt te raken.
Strenger handhaven helpt huurders
Het Utrechtse college onderzoekt nu of zij de Rotterdamse strategie direct kan overnemen. Financiële sancties moeten een afschrikwekkende werking hebben en herhaling voorkomen. Daarnaast wil de gemeente de komende jaren een speciale verhuurvergunning invoeren. Hiermee kan de huurprijs al vooraf worden getoetst om misbruik te voorkomen.
